Hoe lees je een arrest? De Haviltex-leeswijzer

september 28, 2016 at 9:35 am  •  0 Comments  •  702 views

By

Van rechtenstudenten wordt verwacht dat ze heel wat jurisprudentie lezen. Meestal gaat het om arresten van de Hoge Raad, maar soms ook om arresten van gerechtshoven of vonnissen van de rechtbank. Veel jurisprudentie lijkt erg lang, onduidelijk en saai. Maar het komt voor dat je jurisprudentie tegenkomt die verhelderend werkt op de leerstof of die je wel interessant vindt of gaat vinden. Vaak is het niet nodig om het hele arrest of vonnis te lezen om erachter te komen wat nu de moraal van het verhaal is, oftewel de rechtsregel.

Op internet zijn veel samenvattingen te vinden van bekende jurisprudentie. Dit kan een goede stok achter de deur zijn, maar wat als degene die de samenvatting heeft geschreven een fout heeft gemaakt? Bovendien zijn deze samenvattingen vaak incompleet. Om er zeker van te zijn dat je het goede leert, raad ik je aan om de jurisprudentie zelf te lezen. Als er geen samenvatting te vinden is, dan moet je het arrest wel lezen! Jurisprudentie kan je op een slimme manier lezen en dat kan vele (slaapverwekkende) uren schelen. Aan de hand van het Haviltex-arrest zal ik stapsgewijs uitleggen hoe je dit arrest het beste kunt lezen.[i]

HR 13 maart 1981, NJ 1981, 635, of kortom: het Haviltex-arrest. Het Haviltex-arrest is een van de eerste arresten die je zult tegenkomen in je studie en zeker niet de laatste. Het Haviltex-arrest wordt tot op de dag van vandaag erg veel gebruikt in uitspraken van verschillende rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad. Als je later na je studie ook maar iets te maken zult hebben met overeenkomsten, dan zal je ook te maken krijgen met dit arrest. Het is dan ook geen overbodige luxe om dit arrest vanaf het begin af aan goed te begrijpen.

Het Haviltex-arrest heeft te maken met overeenkomsten. Met de uitleg van overeenkomsten welteverstaan. Overeenkomsten zijn niet altijd even duidelijk en dit arrest heeft daar een maatstaf voor. De essentie[ii] luidt als volgt: “Maatstaf die moet worden aangelegd bij beantwoording van de vraag hoe in een schriftelijk contract de verhouding van pp. (partijen, red.) is geregeld en of dit contract een leemte laat die moet worden aangevuld.” De essentie geeft een duidelijk beeld van wat je van het arrest kan verwachten. Vervolgens wordt een samenvatting van het arrest gegeven. Dat is erg handig, maar het is niet bij ieder arrest het geval. Als er wel een samenvatting wordt gegeven, lees deze dan vooral door!

Nu het arrest zelf. Allereerst worden de partijen genoemd. In dit geval zijn dat Ermes en Langerwerf, ook wel Ermes c.s. genoemd, en Haviltex B.V. De zaak wordt dan Ermes c.s. tegen Haviltex genoemd, ook wel Ermes c.s./Haviltex. De roepnaam van dit arrest is in de loop der jaren nog verder verkort tot kortweg Haviltex. De eisers in cassatie, oftewel degene die het middel cassatie hebben ingesteld, zijn Ermes en Langerwerf. Zij hebben de zaak in cassatie aangespannen tegen Haviltex B.V., die in dit geval verweerster in cassatie is.[iii]

Vervolgens wordt behandeld hoe de rechtbank en het gerechtshof tot hun oordelen in deze zaak zijn gekomen. Dit kan je vluchtig doorlezen. Het is voor je begrip wel handig om een beetje te weten wat de feiten zijn in de zaak, soms wordt dat ook gevraagd op het tentamen, maar je hoeft hier niet super lang bij stil te staan. Het is jammer dat dit arrest niet een kopje heeft met feiten, nu moet je de feiten uit het verhaal halen.

De procedure in cassatie wordt behandeld vanaf punt I. In dit arrest heeft de Hoge Raad een duidelijke werkwijze. In de tweede alinea van de punten I.A., II.A., II.B., enz. geeft de Hoge Raad aan wat zij van een bepaald oordeel van het Hof vinden. Dit kun je vluchtig doorlezen of overslaan.

De punten onder “O. Omtrent dit middel:” zijn de belangrijke punten. Lees deze goed door! Onder punt 2 is de rechtsregel te vinden:

“De vraag hoe in een schriftelijk contract de verhouding van pp. [partijen, red.] is geregeld en of dit contract een leemte laat die moet worden aangevuld, kan niet worden beantwoord op grond van alleen maar een zuiver taalkundige uitleg van de bepalingen van dat contract. Voor de beantwoording van die vraag komt het immers aan op de zin die pp. in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan deze bepalingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Daarbij kan mede van belang zijn tot welke maatschappelijke kringen pp. behoren en welke rechtskennis van zodanige pp. kan worden verwacht.”

Met andere woorden: bepalingen van een contract dienen niet alleen zuiver taalkundig uitgelegd te worden, maar hierbij is ook van belang wat partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan deze bepalingen mochten toekennen en wat zij daarbij redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Dus niet alleen hetgeen dat zwart op wit staat geschreven is van belang bij de uitleg van bepalingen van een contract, maar ook andere omstandigheden, namelijk wat partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Dat laatste verschilt van situatie tot situatie. Als je niet begrijpt hoe de Hoge Raad tot deze rechtsregel is gekomen, dan kun je punten I.A. en V.B. en V.C. erbij pakken. Hiernaar wordt door de Hoge Raad ook verwezen onder punt 2.

Deze leeswijzer is wellicht niet op alle jurisprudentie van toepassing omdat niet alle uitspraken op dezelfde wijze geschreven zijn. Daarom zullen de komende weken nog meer leeswijzers online komen voor andere belangrijke arresten.

__________________________________________________

[i] Hierbij wordt het Haviltex-arrest gebruikt die via de Kluwer Navigator is te vinden, hoe het arrest in Nederlandse Jurisprudentie (NJ) is gepubliceerd. Het wordt aangeraden om dit arrest naast de leeswijzer te houden i.v.m. verwijzingen naar bepaalde passages.

[ii] Dit is de essentie zoals gevonden op Kluwer Navigator. Andere bronnen hebben wellicht een ander verwoorde essentie of geen essentie.

[iii] Meestal heet de partij waar een zaak tegen aangespannen wordt ‘gedaagde’ in civiele zaken. In dit geval heet de gedaagde partij niet ‘gedaagde’ maar ‘verweerster’. Dit komt omdat het een verzoekschriftprocedure is, dan heet het net iets anders.

About the Author

Mika Klaus is de hoofdredacteur van SecJure. Na haar bachelor Ondernemingsrecht volgt ze op dit moment de masteropleidingen Ondernemingsrecht, International Business Law en Law & Technology aan Tilburg University.

 

Leave a Reply