De advocaat en het eerste politieverhoor

december 28, 2015 at 12:08 pm  •  0 Comments  •  45 views

By

De discussie over de vraag of een advocaat bij het eerste politieverhoor gewenst en noodzakelijk zou zijn heeft lange tijd gespeeld onder juristen. In Nederland is het altijd zo geweest dat er in principe geen recht is op een advocaat bij het eerste politieverhoor, tenzij het bijvoorbeeld gaat om een minderjarige. De vraag omtrent het recht op een raadsman bij het eerste verhoor is na veel debat en discussie voor de Hoge Raad gekomen die de oorspronkelijke gang van zaken uiteindelijk heeft bevestigd. Daar valt wat voor te zeggen. Ondanks het gevaar op ongeoorloofde pressie tijdens het verhoor is dit vaak een zeer vruchtbare periode voor het onderzoek. De intimiderende kracht van een verhoorkamer en ondervragingen moet niet worden onderschat. De machteloosheid, emoties en verslagenheid van een aangehouden verdachte in combinatie met verhoortechnieken als schreeuwen, intensieve ondervraging etc. levert een hoop nuttige informatie op. En dat alles kan plaatsvinden in enkel het eerste politieverhoor, een uitstekend moment om een verdachte te intimideren en informatie los te krijgen.

Die gang van zaken vormt eigenlijk zowel een voor- als tegenargument tegen de raadsman bij het verhoor. De waarheidsvinding wordt hier zeker gediend, maar de grens met datgene wat als onredelijk kan worden beschouwd zoals in art. 6 EVRM is slecht een subtiele grens. Hier wordt straks nog op teruggekomen. Ook het nemo tenetur beginsel kan hier worden overrompeld. Het recht dat je niet hoeft mee te werken aan je eigen veroordeling, waaruit ook het zwijgrecht voortvloeit. Het beroep op dit recht is minder eenvoudig na een intensief- en druk-uitoefenend verhoor waarbij de emoties hoog oplopen. Voor sommigen (bijvoorbeeld emotioneel zwakkeren, dronken mensen etc.) zou bij zo’n eerste verhoor rechtsbijstand geen overbodige luxe zijn. Aan de andere kant is het ophelderingspercentage van misdrijven slechts een wankele 25%. Dat moet na een daling van 2 procent van afgelopen jaar (zo’n extra 50.000 onopgeloste zaken) door de reorganisatie van de nationale politie zo min mogelijk verder onder druk komen te staan.

Hoe dan ook, ondanks de nationale gang van zaken bestaan nog altijd de Europese wettelijke regels. Artikel 6 van het EVRM geeft bijvoorbeeld duidelijk aan dat een verdachte al recht op bijstand heeft op het moment dat hij is aangehouden. Dat zou dus ook impliceren bij het eerste verhoor. In de praktijk kwam hier echter maar weinig van terecht, totdat het Europese Hof voor de rechten van de mens uitspraak deed in de Salduz zaak. In deze zaak werd het zojuist genoemde recht bevestigd en daarmee kwam het Europees oordeel haaks te staan op dat van onze Hoge Raad. Aanpassing was daarmee noodzakelijk, wat leidde tot het consultatierecht. Inmiddels heeft de Hoge Raad een nieuwe uitspraak gedaan, waarin het volledige recht op rechtsbijstand tijdens het politieverhoor een feit moet zijn vanaf 1 maart 2016. Een te korte termijn, volgens de orde van advocaten. Zij hebben grote twijfels bij de voorbereidingen omtrent financiering van de advocaat en of de advocaat wel echt een actieve rol zal kunnen gaan vervullen.

Het WODC (Wetenschappelijk onderzoek- en documentatie centrum van het ministerie van Justitie) heeft bij een onderzoek naar de ‘Aanwijzing Rechtsbijstand Politieverhoor’ over soortgelijke zorgen geconcludeerd.(i) Dit betrof een onderzoek in 2013 naar de Nederlandse wetgevende reactie op het Salduz arrest van het Europese Hof, waardoor de Hoge Raad zijn standpunt niet meer kon handhaven. Nu, anno eind 2015 komt de Orde van Advocaten opnieuw met soortgelijke zorgen aanzetten. Het ministerie lijkt hier dan ook achter te lopen omtrent de organisatie en beleidsvoering m.b.t. de implementatie van dit recht en de waarborging die het moet gaan creëren!

(i) Willem-Jan Verhoeven, Lonneke Stevens: WODC: Rechtsbijstand bij politieverhoor; Evaluatie van de Aanwijzing rechtsbijstand politieverhoor in Amsterdam-Amstelland, Groningen, Haaglanden, Limburg-Zuid, Midden- en West-Brabant en Utrecht; Boom Lemma uitgevers, Den Haag 2013, p. 23.

About the Author

 

Leave a Reply